James Bond Nederland

Column: De jammerlijke pogingen van Mr. Gardner

Ian Fleming, de geestelijk vader van James Bond, publiceerde in totaal veertien 007-boeken waarvan twee bundels met korte verhalen. Beginnend in 1953 bracht de ijverige Fleming ieder jaar een nieuw Bond avontuur uit. Maar hij is niet recordhouder! Die eer komt thrillerschrijver John Gardner toe. Hij werd begin jaren tachtig door Ian Fleming Publications gevraagd om James Bond als literair personage nieuw leven in te blazen. En die uitdaging ging Gardner met volle overgave aan. Tussen 1981 en 1996 schreef hij in totaal zestien Bond boeken, waaronder de filmbewerkingen van Licence to Kill en GoldenEye. De afgelopen maanden heb ik zijn boeken (nogmaals) gelezen en ben opnieuw tot de conclusie gekomen dat Gardner wellicht in kwantiteit Fleming van de troon heeft gestoten, maar in kwaliteit niet eens in de buurt is gekomen.

De Gardner-boeken zijn ten tijde van hun publicaties ook niet echt juichend ontvangen. Zowel de fans als de critici waren op zijn zachts gezegd niet blij met de verhalen die Gardner bedacht voor de ultieme Britse geheim agent. De eerste paar boeken werden nog gematigd positief ontvangen door de Bond liefhebbers en konden ook op positieve recensies rekenen. Maar vanaf laten we zeggen zijn vierde boek werden de reacties met het jaar negatiever. Best bijzonder eigenlijk dat Ian Fleming Publications nog zo lang achter haar schrijver is blijven staan.

Ook vanuit EON Productions is er nooit met bijster veel interesse gekeken naar de Gardner-boeken. In een interview in 2004 biechtte producent Michael G. Wilson op dat hij de Gardner-boeken wel had gelezen, maar dat ze naar zijn mening ongeschikt waren voor een verfilming (Cinefantastique, 2004).

Ik was benieuwd; hoe zouden de Gardner-boeken dertig jaar later op mij overkomen? Zou ik me scharen bij de grote groep Bond fans, recensenten en Michael G. Wilson en ze afserveren als matig schrijfwerk? Of zou ik – wellicht met de kennis van nu – de bijdrage van John Gardner aan het James Bond universum meer waarderen dan zij die me voorgingen?

Helaas….ook ik vind dat het 007-oevre van Gardner op geen enkel vlak kan tippen aan het werk van Ian Fleming. Voornaamste punt van kritiek zijn voor mij de verhaallijnen van de boeken. Ze hebben niet dezelfde spanning of excentriciteit als bij Fleming. De boeken zijn, om het even heel simpel te zeggen, gewoon oersaai. Ik betrapte me er vaak op dat ik ’s avonds een Gardner-boek erbij pakte en geen idee meer had wat ik de avond daarvoor had gelezen. De verhalen zijn niet alleen saai maar vaak ook onnodig complex. En dan werken de mager uitgewerkte personages ook niet echt mee. Met name die van het vrouwelijke geslacht zijn doorsnee en alles behalve memorabel. En ook de Bond schurken komen er bekaaid vanaf; in verschillende Gardner-boeken vecht Bond het uit tegen derderangs schurken of ontbreekt het sowieso aan een duidelijk aan te wijzen boef. Maar het ergste van allemaal is misschien nog wel het personage van James Bond zelf. Je leeft op geen enkel moment met hem mee. Ik vond het bij sommige boeken dan ook verdomd lastig om ze in zijn geheel uit te lezen.

Er zitten voor mij maar een handjevol mooie momenten en personages in de Gardner-boeken en deze zitten – weinig verrassend – met name in de eerste paar boeken. Licence Renewed (het 007-debuut van Gardner) is misschien wel het beste – of minst slechte – boek. Er zit vaart in, heeft een heerlijke schurk en kent een plot dat prima in een Bond film zou passen. Het vervolg, For Special Services, kent eenzelfde vaart maar is volstrekt ongeloofwaardig. Bond werkt namelijk samen met de dochter van Felix Leiter om SPECTRE op te rollen en de beruchte misdaadorganisatie staat sinds de dood van aanvoerder Blofeld onder de leiding van zijn dochter Nena Blofeld! Het derde boek heet Icebreaker en is ook nog de moeite waard. Niet omwille van het plot (dat is veel te complex) maar ze kent wel een mooie actiescene op een fantastische locatie (een barre tocht op sneeuwscooters door Lapland) en een gedenkwaardige martelscene (007 hangt ondersteboven in een wak). Ook het vijfde boek genaamd Nobody Lives Forever vond ik nog prima weglezen. Maar de rest van de Gardner-boeken varieerden voor mij van matig (Brokenclaw, SeaFire) tot ronduit waardeloos (No Deals Mr. Bond, The Man From Barbarossa).

Gelukkig zijn er voor de Bond fan die op zoek is naar leesvoer genoeg alternatieven. De strips van Dynamite Entertainment bijvoorbeeld, de Young Bond boeken of het werk van andere ‘continuation’ schrijvers zoals Kingsley Amis, Raymond Benson en Anthony Horowitz. En anders kan je altijd het werk van Ian Fleming nog eens lezen. Want als het op het schrijven van een Bond thriller aankomt, geldt ook hier de welbekende Bond slogan: Nobody Does It Better.

Twan Arts

Twan Arts

Twan Arts is van jongs af aan gepassioneerd door film in het algemeen en James Bond in het bijzonder. Met name de Bond films uit de jaren zestig behoren tot zijn favorieten. Hij publiceerde in 2015 het boek James Bond voor Dummies.

1 reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

  • Heel herkenbaar wat je schrijft. Uit een soort “dit is James Bond, dit moet ik leuk vinden” gevoel heb ik het grootste deel van de boeken gelezen. Maar na de eerste vier is er weinig lol aan te beleven. Ik denk dat je door dit stuk geen mensen hebt aangespoord om de boeken voor het eerst te gaan lezen, anders zou het misschien jammer zijn dat je de grote plottwist uit FSS verklapt.

    Die plottwists zijn trouwens voor mij het grootste minpunt aan de boeken van Gardner. Een verrassing op z’n tijd is leuk en houdt het spannend. Maar na de 17e doublecross zie je de 18e van zo ver aankomen dat het kunstje wel uitgewerkt is.